18 February 2008
Doneren vergt vertrouwen

Donoren moeten ervan op aan kunnen dat hun geld goed wordt besteed. Naast een gezond financieel management, is het daarom ook van belang met fondsen een relatie op te bouwen waarin aan de belangen van beide partijen recht gedaan kan worden, aldus prof Geert Sanders.

Het vierde gebod van fondsenwerving luidt daarom:

‘Maak een kritische doorlichting van de aan de universiteiten gangbare management- en accounting praktijken: aan de basis van een succesvolle fondsenwerving liggen een zorgvuldige strategische planning en een gezond financieel management, condities die bij potentiële donoren vertrouwen inboezemen ’.

Donaties vinden niet in een vacuüm plaats. Er zijn altijd twee partijen in het spel: de om donaties vragende kennisinstellingen enerzijds en de donerende instanties anderzijds. Beiden hebben eenzelfde belang: vanuit een samenwerkingsverband de realisering van projecten waardoor elk van de partners kan voldoen aan de eigen missie. Vragers en gevers kunnen niet zonder elkaar; zij hebben elkaar nodig; in het beste geval bieden zij elkaar volop kansen en realiseren zij deze wederzijds.

Willen kennisinstellingen met hun niveau van onderzoek met de wereldtop meedoen, dan kan het niet anders dan dat fondsenwerving hoog op hun strategische agenda staat. Succesvolle fondsenwerving veronderstelt het binnenhalen van de buitenwereld. Wie zijn degenen die hierbij voor de kennisinstellingen natuurlijke bondgenoten zouden kunnen zijn? De alumni: degenen die ooit aan de betreffende instelling hebben gestudeerd. Indien zij als studenten de mentale reis van hun leven hebben gemaakt, dan zijn er de condities voor een band voor het leven. Hebben zij zich als studenten in hun potenties en bij hun vragen door hun docenten niet erkend gevoeld, dan komt hun vroegere universiteit niet voor op hun lijst van mogelijke goede doelen.

Welke betekenis kunnen alumni hebben voor hun vroegere kennisinstellingen? In het geval dat hun instelling erin is geslaagd om hen bij haar betrokken te houden, is er bij een deel van de alumni de bereidheid om in hun instelling te investeren. Vaak begint dit in de vorm van jaarlijkse kleine bijdragen, bijvoorbeeld ten behoeve van een beurzenfonds. Uit onderzoek blijkt dat alumni die op hogere leeftijd grote giften aan hun universiteiten doen, bijna altijd als donoren met relatief kleine bijdragen zijn begonnen. Aan het doen van een grote gift gaan in het algemeen tientallen jaren vooraf  waarin de betrokken donor 13 eerdere kleine(re) giften heeft gedaan. Iemand ontwikkelt zich in de loop van vele jaren tot een grote(re) donor.

Juist de alumni die zich al met raad en daad inzetten voor hun kennisinstellingen, zijn degenen die interessante deuren kunnen openen naar financieringsbronnen.

Voor het volledige artikel willen we u verwijzen naar:

http://www.scienceguide.nl/article.asp?articleid=104826

URL/BRON:


   

« terug naar nieuwsoverzicht