Naar aanleiding van recent onderzoek onderkennen de verantwoordelijke minister en staatssecretaris dat er meer gedaan moet worden om de aansluiting tussen Jeugdzorg (provincies) en de Maatschappelijke Opvang (gemeenten) goed te laten verlopen voor de groep zwerfjongeren, voor wie juist deze aansluiting cruciaal is.
Zwerfjongeren worden namelijk gedefinieerd als jongeren tussen 16 en 25 jaar en hebben dus te maken met twee institutionele ‘fronten’, de Jeugdzorg enerzijds en de Maatschappelijke Opvang anderzijds. Grootste knelpunt: “Er zijn veel partijen met verschillende verantwoordelijkheden bij de hulp en opvang van zwerfjongeren betrokken. Belangrijk is dat gewerkt wordt vanuit het idee ‘de cliënt centraal’. De ervaring leert dat dit niet ‘automatisch’ gebeurt.” Bijzonder is echter dat zowel minister Rouvoet als ook staatssecretaris Bussemaker gezamenlijk erkennen dat er nu extra inspanningen nodig zijn en zich hierover middels een brief naar de kamer uitspreken, voorafgaand aan het overleg op 10 juni. Stichting Zwerfjongeren Nederland (SZN) schrijft in haar notitie naar de kamer dat het tijd wordt voor een ‘Masterplan Zwerfjongeren’. Zonder een dergelijk bestuurlijk begin zal de groep zwerfjongeren intussen alleen maar groeien terwijl er geen enkel perspectief is op een effectieve aanpak. SZN wacht met spanning de uitkomsten van het overleg tussen alle relevante partijen (IPO, VNG, MO-Groep) af en hoopt dat de minister en de staatssecretaris de andere partijen weten te committeren voor de kwetsbare groep zwerfjongeren. SZN ondersteunt ook alle voorstellen van de Federatie Opvang om de nodige bestuurlijke inhaalslag te bespoedigen.
URL/BRON: Persbericht Stichting Zwerfjongeren Nederland (SZN)
|